Onlangs las ik een post van Elke Van Hoof over hoe belangrijk zelfreflectie en een ondersteunende omgeving zijn wanneer je écht iets wilt veranderen.
Dat sluit sterk aan bij wat we ook in onze begeleidingen merken. Mensen weten vaak heel goed wat ze anders willen. Meer bewegen, beter hun grenzen bewaken, minder overwerken, meer rust nemen of eindelijk werk maken van iets dat al maanden in hun hoofd zit.
Maar tussen iets willen veranderen en het daadwerkelijk anders doen, zit nog een hele stap.
Een goed voornemen begint niet maandag
“Vanaf maandag ga ik meer bewegen.”
“Volgende maand ga ik echt mijn grenzen bewaken.”
“Na deze drukke periode ga ik meer tijd voor mezelf maken.”
We stellen verandering gemakkelijk uit tot een moment waarop het hopelijk rustiger of gemakkelijker wordt. Alleen komt dat ideale moment zelden vanzelf.
Wil je iets veranderen? Kijk dan welke eerste kleine stap je vandaag al kunt zetten.
Wil je meer bewegen? Maak vandaag een korte wandeling. Wil je meer tijd voor herstel? Plan vandaag een moment in je agenda. Wil je beter je grenzen bewaken? Neem jezelf dan voor om bij de eerstvolgende vraag niet automatisch ja te zeggen.
Niet vanaf maandag. Begin met iets kleins dat je nu al kunt doen.
Maak je voornemen concreet
“Meer tijd voor mezelf nemen” klinkt goed, maar is nog geen concreet plan.
Dus niet alleen:
“Ik wil meer bewegen.”
Maar bijvoorbeeld:
“Dinsdag na het werk ga ik een halfuur wandelen.”
Zet het ook effectief in je agenda alsof het een andere afspraak is.
Een visuele reminder kan eveneens helpen. Een briefje op je bureau, iets op de koelkast, een voorwerp dat je bewust ergens neerzet of een melding op je telefoon kan je op het juiste moment herinneren aan wat je wilde doen.
Zo hoef je niet alleen te vertrouwen op motivatie of op het feit dat je er op het juiste moment aan zult denken.
Begrijp waarom je doet wat je doet
In onze begeleidingen merken we dat mensen vaak heel goed kunnen benoemen wat ze anders willen.
Minder piekeren. Vaker nee zeggen. Meer bewegen. Minder overwerken. Meer tijd nemen om te herstellen.
Maar gedrag ontstaat niet zomaar.
Misschien zeg je vaak ja omdat je niemand wilt teleurstellen. Misschien blijf je langer werken omdat je het moeilijk vindt om iets onafgewerkt achter te laten. Misschien plof je 's avonds op de zetel omdat je batterij na een werkdag simpelweg leeg is.
Zelfreflectie helpt om te begrijpen welke patronen een rol spelen. Niet om eindeloos te analyseren, maar om te weten waar je daadwerkelijk iets kunt veranderen.
Je omgeving doet mee
Stel dat je in een volle lift stapt. Iedereen staat stil, kijkt voor zich uit en zegt niets.
De kans is groot dat jij hetzelfde doet.
Niemand heeft je verteld dat je in een lift stil moet zijn. Toch pas je je bijna automatisch aan de situatie en de mensen rondom je aan.
Ook bij gewoontes heeft onze omgeving invloed op ons gedrag.
Daar kun je bewust gebruik van maken. Leg je sportkleren vooraf klaar. Zet iets wat je niet wilt vergeten zichtbaar in je omgeving. Blokkeer tijd in je agenda. Spreek met iemand af om samen iets te doen.
Maak het gewenste gedrag gemakkelijker in plaats van erop te rekenen dat je jezelf iedere keer opnieuw zult motiveren.
Begin kleiner dan je eigenlijk zou willen
Goede voornemens zijn vaak ambitieus.
Drie keer per week sporten.
Nooit meer overwerken.
Elke avond mediteren.
Vanaf nu altijd mijn grenzen aangeven.
Maar verandering hoeft niet spectaculair te beginnen.
Een halfuur wandelen is beter vol te houden dan meteen een volledig sportschema. Eén avond bewust op tijd stoppen kan een realistischer begin zijn dan jezelf voornemen nooit meer over te werken.
Kleine stappen lijken misschien minder indrukwekkend, maar ze maken het gemakkelijker om nieuw gedrag daadwerkelijk te herhalen.
Een terugval betekent niet dat je opnieuw bij nul begint
Je had je voorgenomen beter je grenzen te bewaken en toch zei je opnieuw ja. Of je wilde meer rust nemen en zat opnieuw tot 's avonds laat achter je laptop.
Dat betekent niet dat je voornemen mislukt is.
Een terugval kan informatie geven over wat het moeilijk maakte. Misschien was je moe, kwam je in een vertrouwde situatie terecht of was de stap die je van jezelf verwachtte simpelweg te groot.
Gebruik die informatie om bij te sturen in plaats van je hele voornemen overboord te gooien.
Hoe kijken we hiernaar in onze begeleidingen?
Binnen onze begeleidingen kijken we daarom niet alleen naar wat iemand wil veranderen. We onderzoeken ook welke patronen terugkomen, wat verandering moeilijk maakt en welke stap haalbaar is.
Soms betekent dat een concreet doel formuleren en het meteen in de agenda zetten. Soms zoeken we naar een visuele reminder. Soms maken we een doel bewust kleiner of passen we iets in de omgeving aan.
En soms betekent vooruitgaan eerst EVEN stilstaan bij wat ervoor zorgt dat je telkens opnieuw in hetzelfde patroon terechtkomt.
Duurzame verandering begint niet noodzakelijk met harder proberen. Vaak helpt het meer om het jezelf gemakkelijker te maken om het gewenste gedrag daadwerkelijk te doen.